Het langverwachte Cassatiearrest ivm de sterfhuisclausule!

Anouck Biesmans, Rik Deblauwe • 23/12/2010

Een sterfhuisclausule is een toebedeling van het gemeenschappelijk vermogen aan één van de echtgenoten, ongeacht of die de andere overleeft.

Artikel 5 van het wetboek Successierechten, dat een toebedeling boven de helft als legaat beschouwt, is niet van toepassing, want dat artikel is maar toepasselijk als de toebedeling op voorwaarde van overleving gebeurt, en dat is hier dus niet zo.

Bleef de vraag of er successierechten geheven konden worden op basis van artikel 2 van het Wetboek Successierechten.

Burgerrechtelijk (voor de regels van de inkorting) wordt een dergelijke toebedeling immers voor de helft als een schenking beschouwd in de mate er eigen goederen in het gemeenschappelijk vermogen waren gebracht. Dat was hier het geval.

Het Hof oordeelt nu dat dit nog niet betekent dat er op die helft ook successierechten verschuldigd zijn: de burgerrechtelijke regel wordt niet doorgetrokken voor de heffing van de successierechten.

Het Hof stelt meer bepaald: “Hieruit volgt dat het bestreden arrest wettig heeft geoordeeld dat het bedoelde verblijvingsbeding en het ‘surplus’ geen contractuele erfstelling is en dat het ‘surplus’ niet belastbaar is op grond van artikel 2 Wetboek Successierechten.”

Of verrekenbedingen als huwelijksvoorwaarden beschouwd kunnen worden is nog een open vraag; hierover heeft het Hof zich niet uitgesproken.

Het arrest in kwestie kan u bekijken via deze link.

Anouck Biesmans          Rik Deblauwe