Advocaten / Avocats / Lawyers

dinsdag, 03 november 2020

Taks op de effectenrekeningen 2.0 – voorontwerp van wet goedgekeurd door de Ministerraad

Op maandag 2 november 2020 heeft de Ministerraad zich opnieuw gebogen over een voorontwerp van wet houdende de invoering van een jaarlijkse taks op de effectenrekeningen. De tekst werd intussen goedgekeurd en zal worden voorgelegd aan de Raad van State.

De “reanimatie” van de taks komt er in het kader van de afspraken in het regeerakkoord, waarin gesteld werd dat “de overheid zal streven naar een eerlijke bijdrage van die personen die de grootste draagkracht hebben om bij te dragen, met respect voor het ondernemerschap”.

PRO MEMORIE: de taks op de effectenrekeningen die door de vorige regering werd ingevoerd, werd op 17 oktober 2019 door het Grondwettelijk Hof vernietigd (arrest nr. 138/2019). Het Hof was van oordeel dat de taks op verschillende vlakken discriminerend was, gelet op de doelstelling van de wetgever om een rechtvaardig fiscaal beleid te voeren door middel van het belasten van de grotere vermogens.

Hierna volgt een overzicht van de belangrijkste kenmerken van deze nieuwe taks.

1. Gelijkenissen met de vernietigde taks op de effectenrekeningen.

Hoewel in de aanhef van de memorie van toelichting gesteld wordt dat deze nieuwe taks niet verward mag worden met de taks op de effectenrekeningen die eind 2019 vernietigd werd, zijn er tal van gelijkenissen, vooral wat de inningswijze en de basisprincipes voor de berekening en het tarief betreft.

De nieuwe taks wordt eveneens ingevoerd in het Wetboek Diverse Rechten en Taksen. In de memorie van toelichting wordt hij omschreven als een ‘indirecte’ taks en een ‘abonnementstaks’.

De inning van de vernietigde taks werd door de vorige regering als zeer efficiënt ervaren, omdat de Belgische financiële instellingen in principe zelf zorgden voor de aangifte en inning. Dit zal op dezelfde manier gebeuren voor de nieuwe taks. Ook zoals voorheen, zal de titularis van de effectenrekening zelf instaan voor de aangifte en betaling mocht er geen Belgische tussenpersoon optreden, tenzij hij kan aantonen dat die taks reeds ingehouden en betaald werd door een derde. Deze laatste is doorgaans de buitenlandse financiële instelling waarbij de effectenrekening wordt aangehouden.

De belastbare basis voor de taks wordt opnieuw berekend per referentieperiode die in principe loopt van 1 oktober tot en met 30 september van het daaropvolgende jaar. Enkel voor de eerste periode zal de startdatum niet 1 oktober zijn, maar de dag van de inwerkingtreding van de wet die deze taks invoert.

Het tarief van de nieuwe taks bedraagt eveneens 0,15% op jaarbasis, doch zal slechts van toepassing zijn op effectenrekeningen waarop financiële instrumenten met een gemiddelde waarde van meer dan € 1.000.000 staan.

2. Nieuwigheden

Volgende opmerkelijke verschilpunten zouden worden ingevoerd in vergelijking met de vernietigde taks (niet-limitatief):

  • De nieuwe taks viseert de effectenrekeningen op zich waarop meer dan 1 miljoen euro aan belastbare financiële instrumenten staan. De nieuwe taks slaat dus op het medium of de drager van financiële instrumenten, namelijk de effectenrekening zelf.

  • De taks is bovendien niet meer enkel verschuldigd door particulieren, maar wordt uitgebreid tot rechtspersonen en vennootschappen die een effectenrekening aanhouden (ook indien onderworpen aan de rechtspersonenbelasting). Ook niet-inwoners (zowel natuurlijke personen als rechtspersonen) met een effectenrekening in België worden aan de taks onderworpen, op voorwaarde dat er geen dubbelbelastingverdrag tussen België en hun woonstaat bestaat dat voorziet dat de heffingsbevoegdheid over (een bestanddeel van) het vermogen toekomt aan de woonstaat. Dit laatste is bijvoorbeeld het geval voor Nederland.

    Tenslotte wordt er ook een uitbreiding van de belastingplicht voorzien naar de oprichter(s) van juridische constructies, moederconstructies en ketenconstructies in de zin van de kaaimantaks. Deze oprichter(s) worden geacht de effectenrekening van die constructie zelf aan te houden.

  • Vermits de effectenrekening met een gemiddelde waarde van meer dan 1 miljoen euro aan belastbare financiële instrumenten zelf belast wordt, zal geen opsplitsing meer worden gemaakt tussen het aantal titularissen dat deze rekening aanhoudt. Ook een eventuele uitsplitsing van de tegoeden in blote eigendom – vruchtgebruik is irrelevant.

    Hierdoor worden de complexe en soms unfaire forfaitaire verdelingen van de afgeschafte taks vermeden.

  • De administratief omslachtige procedure van de ‘opt-in’, waarbij kleinere tegoeden op effectenrekeningen ook aan de heffing onderworpen konden worden indien die titularis nog andere effectenrekeningen had waardoor het drempelbedrag werd overschreden, is bijgevolg niet meer aan de orde.

    Een effectenrekening waarop € 1.000.000,10 staat zou dus automatisch onderworpen zijn aan de taks, ook al wordt die bijvoorbeeld aangehouden door 10 co-titularissen die elk maar recht hebben op € 100.000,01. Omgekeerd zal een belastingplichtige die over vier verschillende effectenrekeningen beschikt waarop telkens € 950.000 aan belastbare waarden staat, niet onderworpen worden aan deze taks. De vrees dat effectenrekeningen zullen worden opgesplitst om aan de taxatie te ontsnappen wordt in de memorie van toelichting weggewuifd om de eenvoudige reden dat overboeking van effecten ook een kostprijs heeft en dat sommige meer illiquide of exotische beleggingen eventueel niet toegelaten worden door andere financiële instellingen. Er wordt wel voorzien in een antimisbruikbepaling -met een bijzondere inwerkingstredingsdatum- waardoor artificiële opsplitsingen tussen verschillende effectenrekeningen om deze taks te vermijden, niet tegenstelbaar aan de fiscus worden gemaakt (zie verder).

  • Zoals het geval was met de vernietigde taks, wordt ook hier een gemiddelde van de tegoeden berekend op basis van referentietijdstippen.In principe zijn er maximum vier, namelijk 31 december, 31 maart, 30 juni en 30 september. Doch in tegenstelling tot het vorig regime worden er geen bijkomende referentietijdstippen meer toegevoegd bij o.m. opening of afsluiting van de rekening.

  • Voortaan zijn alle financiële producten op een effectenrekening belastbaar. Voor de bepaling van de belastbare basis wordt voortaan bijgevolg geen onderscheid meer gemaakt naargelang de kwalificatie van het financieel product. Alle financiële instrumenten die aangehouden worden op een effectenrekening vallen er onder, inclusief turbo’s, speeders en trackers. 

  • Volgens de Memorie van Toelichting bij het voorontwerp van wet zouden effectenportefeuilles die worden aangehouden door verzekeringsinstellingen in het kader van met een verzekeringnemer afgesloten zgn. tak 23-verzekeringen, eveneens onder de toepassing van de nieuwe taks vallen, “aangezien het aanhouden van een portefeuille middels een tak 23-verzekering en een er achter liggende effectenrekening een volledig substituut uitmaakt voor een direct aangehouden effectenrekening”.

3. Vrijstellingen

Gelet op de uitbreiding van het toepassingsgebied naar o.m. vennootschappen, worden de effectenrekeningen die bepaalde rechtspersonen aanhouden in het kader van de eigen beroepswerkzaamheid, niet aan de taks onderworpen.


Zo zal de taks niet van toepassing zijn op effectenrekeningen die uitsluitend voor eigen rekening worden aangehouden door bepaalde financiële ondernemingen, waaronder de kredietinstellingen, de verzekeringsondernemingen, de beleggingsondernemingen, de beursvennootschappen, de pensioeninstellingen, enz., alsook door instellingen voor collectieve belegging.

4. Nieuwe algemene antimisbruikbepaling

Het wetboek diverse rechten en taksen kent tot nu toe geen algemene antimisbruikbepaling zoals bijvoorbeeld in het Wetboek Inkomstenbelastingen (art. 344, § 1 WIB92) of in de Vlaamse Codex Fiscaliteit (art. 3.17.0.0.2 VCF). Men maakt van de gelegenheid gebruik om ook in het WDRT een dergelijke antimisbruikbepaling in te voeren, die tekstueel aansluit bij artikel 344, § 1 WIB92.

Volgens de memorie van toelichting worden onder meer de volgende specifieke situaties in het kader van de nieuwe taks geviseerd door deze bepaling:

  • Het splitsen van effectenrekeningen waarbij effecten worden verplaatst tussen rekeningen bij dezelfde financiële tussenpersoon of naar rekeningen bij een andere financiële tussenpersoon met het oogmerk te vermijden dat de totale waarde van de effecten op één rekening meer bedraagt dan 1 miljoen euro ;
  • de omzetting van aandelen, obligaties en andere belastbare financiële instrumenten, in effecten op naam zodat ze niet langer meer op een effectenrekening worden aangehouden, met het oogmerk om te ontsnappen aan de taks.

Specifiek wat de nieuwe jaarlijkse taks op de effectenrekeningen betreft, wordt voorzien dat deze antimisbruikbepaling terugwerkende kracht zal hebben tot de datum waarop voor het eerst in de media over de taks werd bericht, datum die naar verluidt door een bericht in het Belgisch staatsblad zal worden bepaald.

* * *

We zijn benieuwd of de nieuwe taks op effectenrekeningen wél de toets aan het grondwettelijk gewaarborgd gelijkheidsbeginsel en de Europese wetgeving zal doorstaan. Dit zal nog moeten blijken. Wellicht zal de Raad van State binnenkort al een tip van de sluier lichten.

 

Gerd D. GOYVAERTS - Partner (gerdd.goyvaerts@tiberghien.com)

Dirk COVELIERS - Counsel (dirk.coveliers@tiberghien.com)

Bart DE COCK - Counsel (bart.decock@tiberghien.com)

Tiberghien Brussels

Tour & Taxis

Havenlaan|Avenue du Port 86C B.419
BE-1000 Brussels
T +32 2 773 40 00
F +32 2 773 40 55

info@tiberghien.com

Tiberghien Antwerp

Grotesteenweg 214 B.4
BE-2600 Antwerp
T +32 3 443 20 00
F +32 3 443 20 20

info@tiberghien.com

Tiberghien Ghent

Esplanade Oscar Van de Voorde 1
BE-9000 Gent
T +32 9 265 95 51

info@tiberghien.com

Tiberghien Hasselt

Koningin Astridlaan 35
BE-3500 Hasselt
T +32 11 57 00 13

info@tiberghien.com

Tiberghien Luxembourg

23, Boulevard Joseph II
LU-1840 Luxembourg
T +352 27 47 51 11
F +352 27 47 51 10

info@tiberghien.com